21 SEPTEMBER 2004 – Koninklijk besluit houdende vaststelling van de normen voor de bijzondere erkenning als rust- en verzorgingstehuis, als centrum voor dagverzorging of als centrum voor niet aangeboren hersenletsels
Bijlage 2. Centra voor dagverzoring.
[DEEL 1. - Centra voor dagverzorging voor zorgafhankelijke ouderen]1
A. Algemene normen.
Het [centrum voor dagverzorging voor zorgafhankelijke ouderen]2is bestemd voor verzorgingsbehoevende personen, met dien verstande evenwel dat de algemene gezondheidstoestand van deze personen, naast de medische zorg van de huisarts, verpleegkundige, paramedische en kinesitherapeutische zorg eveneens hulp bij de dagelijkse levensactiviteiten moet vereisen. Deze personen moeten daarenboven voldoen aan de criteria van zorgenbehoevendheid, bedoeld in [artikel 148bis, eerste lid, 3°]2, van het koninklijk besluit van 3 juli 1996 tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994.
B. Functionele normen.
Het [centrum voor dagverzorging voor zorgafhankelijke ouderen]2moet een functionele binding hebben met een rusthuis of een rust- en verzorgingstehuis. Indien dit centrum zich bevindt in een rusthuis of een rust- en verzorgingstehuis, wordt een aparte eenheid gecreëerd.
C. Organisatorische normen.
1. De personeelsnormen per 15 [gebruikers]3zijn bepaald als volgt :
1° [0,75 voltijds equivalent verpleegkundige]2;
2° [2, 03 voltijds equivalenten]3eenheid personeel die daadwerkelijk de beoefenaars van de verpleegkunde bijstaan in de zorgverstrekking, de afhankelijke personen helpen bij de handelingen van het dagelijks leven, het behoud van de zelfredzaamheid en het in stand houden van de woon- en leefkwaliteit; dit personeel dient tenminste de kwalificatievereisten te bewijzen van : het brevet of het diploma secundair onderwijs of het studiegetuigschrift secundair onderwijs of het kwalificatiegetuigschrift of het getuigschrift van secundair onderwijs van : gezins- en sanitaire hulp, kinderverzorging, verpleegaspiranten, leefgroepwerking, gezins- en bejaardenhelpster, " aide familiale ", bijzondere jeugdzorg, personenzorg, " assistant(e) en gériatrie ", " éducateur ", " moniteur de collectivité, auxiliaires polyvalentes des services à domicile et en collectivités " of " aide polyvalente de collectivités " [of zorgkundige]2;
met verzorgingspersoneel worden gelijkgesteld de personen die geslaagd zijn in een opleiding die is erkend door de bevoegde overheid van de betrokken gemeenschap;
[2°/1 0,35 voltijds equivalent kinesitherapeut en/of ergotherapeut en/of logopedist;]2
3° [[0,60 voltijds equivalent]2die een functie met betrekking tot de reactivering van ouderen uitoefent en die over één van de volgende kwalificaties beschikt : graduaat of bachelor of licentiaat of master kinesitherapie, graduaat of bachelor of licentiaat of master logopedie, graduaat of bachelor ergotherapie, graduaat of bachelor arbeidstherapie, graduaat of bachelor readaptatiewetenschappen, graduaat of bachelor dieetleer, graduaat of bachelor of licentiaat of master in de ortho-pedagogie, graduaat of bachelor of post-graduaat of master in de psychomotoriek, licentiaat of master in de psychologie, [graduaat of bachelor sociaal werker of in de sociale gezondheidszorg of maatschappelijk verpleegkundige of "infirmière spécialisée en santé communautaire]4, graduaat of bachelor maatschappelijk assistent en gelijkgestelden, graduaat of bachelor in de gezinswetenschappen, licentiaat of master in de gerontologie, graduaat of bachelor opvoeder.]3
2. Minstens één persoon die aan de voorwaarden van één van de hierboven beschreven punten voldoet, dient permanent aanwezig te zijn teneinde de opvang en verzorging van de personen te verzekeren.
[3. Indien het centrum niet voldoet aan de personeelsnormen bedoeld in punt 1 voor één of meerdere personeelskwalificaties, kan een tekort aan een bepaalde kwalificatie gecompenseerd worden door een teveel aan personeel met een andere kwalificatie volgens de regels vastgesteld in het tweede lid. In ieder geval is deze compensatie niet mogelijk wanneer het gaat om een tekort met betrekking tot de personeelsnorm zoals bedoeld in 1, 2° /1.
De in het eerste lid bedoelde compensatie wordt toegepast volgens volgende regels :
a) een tekort aan personeel voor reactivering zoals bedoeld in 1, 3°, kan voor maximum 20 % gecompenseerd worden door een teveel aan gegradueerde verpleegkundigen of bachelors in de verpleegkunde;
b) een tekort aan verpleegkundigen zoals bedoeld in 1, 1°, kan voor maximum 20 % gecompenseerd worden door een teveel aan personeel voor reactivering zoals bedoeld in 1, 3° ;
c) een tekort aan verzorgend personeel zoals bedoeld in 1, 2°, kan onbeperkt gecompenseerd worden door een teveel aan verpleegkundigen zoals bedoeld in 1, 1°, en/of personeel voor reactivering zoals bedoeld in 1, 3°.]2
D. Statistische gegevens.
De centra voor dagverzorging moeten aan de Minister die de Volksgezondheid onder zijn bevoegdheid heeft, volgens de [...]5vastgestelde regels en binnen de door Ons bepaalde termijn, mededeling doen van de statistische gegevens die met zijn inrichting verband houden.
[DEEL 2. - Centra voor dagverzorging voor personen die lijden aan een ernstige ziekte.
A. Algemene normen.
Het centrum voor dagverzorging voor personen die lijden aan een ernstige ziekte is bestemd voor personen die voldoen aan de criteria zoals bepaald in artikel 148bis, tweede lid, van het koninklijk besluit van 3 juli 1996 tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, met name de personen zonder leeftijdsbeperking, die ofwel voldoen aan alle criteria vermeld in de bepalingen onder 1° tot en met 5°, ofwel voldoen aan de voorwaarden bedoeld in artikel 3 van het koninklijk besluit van 2 december 1999 tot vaststelling van de tegemoetkoming van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging voor geneesmiddelen, verzorgingsmiddelen en hulpmiddelen voor palliatieve thuispatiënten, bedoeld in artikel 34, 14°, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994.
Het centrum voor dagverzorging voor personen die lijden aan een ernstige ziekte biedt een ondersteuning voor :
1° de pijn- en symptoomcontrole bij psychisch en/of fysiek lijden ten gevolge van ziekteprogressie en/of gerelateerde behandelingen;
2° de aangepaste, complementaire zorg;
3° de revalidatie en in het bijzonder het aanleren van specifieke vaardigheden voor het dagelijkse leven.
B. Functionele normen
Een erkenning als centrum voor dagverzorging voor personen die lijden aan een ernstige ziekte wordt toegekend voor minstens 5 plaatsen en maximum 15 plaatsen die gegroepeerd zijn in een afzonderlijke architecturale eenheid.
Het centrum is minstens 5 dagen per week open voor een tenlasteneming van minstens 6 uur per dag.
Voor iedere patiënt wordt een overlegd zorgplan opgemaakt.
Het centrum organiseert een functionele samenwerking met :
1° een ziekenhuis dat beschikt over een Sp-dienst voor palliatieve zorg;
2° een ziekenhuis dat beschikt over een functie `gespecialiseerde spoedgevallenzorg' en een functie voor intensieve zorg;
3° het bevoegde samenwerkingsverband inzake palliatieve zorg en de begeleidingsequipe voor palliatieve thuiszorg;
4° een rusthuis of een rust- en verzorgingstehuis.
Het centrum werkt samen met de huisartsenkring(en) uit zijn werkingsgebied.
Het centrum biedt een brugfunctie tussen de intra- en extramurale zorg met het oog op de continuïteit van de zorg.
C. Organisatorische normen.
1. De medische omkadering bestaat uit een huisarts of een geneesheer-specialist met een bijzondere ervaring in de palliatieve zorg.
Deze arts is belast met de coördinatie van de medische activiteit van het centrum, de bilans bij opname, de zorgplannen en de voorschriften die noodzakelijk zijn voor de zorg in het kader van het centrum.
Voor het uitoefenen van deze medische coördinatiefunctie is deze arts gedurende minstens 5 uren per week aanwezig in het dagcentrum per 15 gebruikers.
Op vraag van de verantwoordelijke verpleegkundige van het centrum, kan er een beroep worden gedaan op de behandelende arts van de patiënt om deze medische zorg te verstrekken.
2. De personeelsnorm per 15 gebruikers is de volgende :
1° 2,5 voltijds equivalent verpleegkundigen;
2° 2 voltijds equivalent zorgkundigen;
3° 1,5 voltijds equivalent personeel voor reactivering zoals bedoeld in de bepaling onder 1, C, 1, 4°, waarvan minstens 0.5 voltijds equivalent klinisch psycholoog.
3. Minstens één persoon die voldoet aan de voorwaarden bedoeld in punt 2, dient permanent aanwezig te zijn teneinde de opvang en verzorging van de personen te verzekeren.
4. Indien het centrum niet voldoet aan de personeelsnormen bedoeld in punt 2 voor één of meerdere personeelskwalificaties, kan een tekort aan een bepaalde kwalificatie gecompenseerd worden door een teveel aan personeel met een andere kwalificatie volgens de regels vastgesteld in het tweede lid. In ieder geval is deze compensatie niet mogelijk wanneer het gaat om een tekort met betrekking tot de personeelsnorm van 0,5 voltijds equivalent klinisch psycholoog zoals bedoeld in 2, 3°.
De in het eerste lid bedoelde compensatie wordt toegepast volgens volgende regels :
1° een tekort aan personeel voor reactivering zoals bedoeld in 2, 3°, kan voor maximum 20 % gecompenseerd worden door een teveel aan gegradueerde verpleegkundigen of bachelors in de verpleegkunde;
2° een tekort aan verpleegkundigen zoals bedoeld in 2, 1°, kan voor maximum 20 % gecompenseerd worden door een teveel aan personeel voor reactivering;
3° een tekort aan zorgkundigen zoals bedoeld in 2, 2°, kan onbeperkt gecompenseerd worden door een teveel aan verpleegkundigen en/of personeel voor reactivering.]6
- 1 <KB 2013-12-15/24, art. 6, 004; Inwerkingtreding : 02-01-2014>
- 2 <KB 2013-12-15/24, art. 7, 004; Inwerkingtreding : 02-01-2014>
- 3 <KB 2009-06-07/23, art. 9, 003; Inwerkingtreding : 30-07-2009>
- 4 <KB 2014-03-09/12, art. 7, 005; Inwerkingtreding : 20-04-2014>
- 5 <KB 2009-06-07/23, art. 10, 003; Inwerkingtreding : 30-07-2009>
- 6 <KB 2013-12-15/24, art. 8, 004; Inwerkingtreding : 02-01-2014>